cees
5 boeken van Cees Nooteboom staan er in mijn boekenkast, en minstens 2 daarvan heb ik tweemaal gelezen. Wie graag reist, moet bijvoorbeeld minstens éénmaal in zijn leven Omweg naar Santiago gelezen hebben.
Maar op 26 december (van vorig jaar dus) kreeg ik bij een familielid, die zelf kerkhoven verzamelt, het schitterende Tumbas, Graven van dichters en denkers in handen. Een prachtig boek uit 2007 vol mooie foto’s genomen door Cees’ partner Simone Sassen, ter illustratie bij nog mooiere teksten van de meester zelf, als eerbetoon aan zo’n 80-tal poëten, neergestrooid als ze liggen over de hele wereld. Zo is er volgend stukje beschrijving van het graf van Carlos Drummond de Andrade op het Cemitério São João Battista, Rio de Janeiro : “Carlos … ligt wat hogerop, we waden ernaartoe door de overdadige hitte langs de uitvoerige tombes van actrices, piloten, generaals. Het graf van Drummond en zijn vrouw is koel, het roze marmer ketst de hitte terug. Je zou bijna zeggen dat het past bij zijn schitterende portret, een schilderij van Cândido Portinari, dat ik van het omslag van de Nederlandse uitgave van zijn gedichten ken. Hij kijkt je daarop niet aan, de man in zijn lichtgrijze pak dat ook na zeventig jaar niet ouderwets is geworden. De ogen van ‘de grondbezitter van de lucht’, zoals hij zichzelf ooit noemde, zijn op iets anders gericht, iets dat zich buiten ons blikveld bevindt.”
[Cees Nooteboom, Tumbas, graven van dichters en denkers, met foto's van Simone Sassen, Uitgeverij Atlas, Amsterdam/Antwerpen, 2007, p. 37]
Meer hiernaast, onder bOEKenwIJSheid.
[nvdr : ik schreef eerder al dat ik in de vakantie mijn krant met vertraging lees; vandaag kreeg ik dS der Letteren in handen van ... 26 december (van vorig jaar dus). Cees kijkt me geamuseerd aan.]